Hoofdtekst
Vroeger waren er die weerwolf speelden. Die hadden 'ne band, die hadden ze ergens liggen, in de soedsen en zo. Zo was er ene met zijn liefste aan 't wandelen. En hij zei: 'Ga maar efkens door. Als er seffens 'ne weerwolf op u afkomt, moet ge gene schrik hebben, die doet u niks.' Die had ook 'ne band. Hij deed hem aan en liep zo wat rond. Toen deed hij hem uit en medeine was hij weer bij het wicht.
Onderwerp
SINSAG 0804 - Werwolf nimmt viele Gestalten an.   
Beschrijving
Een jongen was met zijn vriendin aan het wandelen. Opeens zei de jongen: "Ga jij maar verder. Als er zometeen een weerwolf op je af zou komen, dan hoef je niet bang te zijn, want die zal je geen kwaad doen." De jongen deed zijn halsband aan en liep een tijdje rond als weerwolf. Daarna deed hij zijn halsband weer uit en wandelde verder met zijn vriendin.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Opitter   
