Hoofdtekst
Aan een stichel (= slagboom) in een wei spookte het alle nachten. De moes (= ge moest) de brier (= barrière) altijd open en toe doen voor door te gaan. Eens ging de brier vanzelef open. 'God zal het tich lonen' zei de vrouw wei ze doorging. Toen antwoordde het 'Kind, op die Godsloon heb ich al honderd jaar gewach(t).' Doanoa he(ef)t het doa niemee gespook(t). De dooie was verlos(t).
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
Bij een slagboom in een weide spookte het. Toen een vrouw 's nachts door de weide wandelde en de slagboom vanzelf openging, zei ze: "God zal het u lonen". Daarop weerklonk een stem: "Kind, op dat loon van God heb ik al honderd jaar gewacht". Sinds die nacht spookte het in de weide niet meer. De dode was verlost.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
406
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Membruggen   
