Hoofdtekst
Ich was op de kriezel (=kiezel) aan de Groemelingestraat en doa zat mich een zwatte kat. Ich kwam van de kleermaker en toen jonde (= werd) ich gewaar dat ich mij(n) kostuum verloren had, wa ich was gaan halen. Ich ging terug en ich kwam ene tegen uit de café en die brach(t) mich mij(n) kostuum. Hij zei dat ich hier de broek, doa de camisole (= wambuis) en doa de paletot verloren had. Mè wei ich dan weer terug aan de Groemelingestraat kwam zat de kat doa nog; ich wilde ze doodslaan mè toen herinnerde ich mich dat moeder zei dat zje haar niks moogde (= mocht) doen, omdat het een heks was.
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
Beschrijving
Een man die terugkwam van de kleermaker, zag op de kiezelweg bij de Groemelingenstraat een zwarte kat zitten. Wat verderop merkte de man plots dat hij het maatpak dat hij bij de kleermaker was gaan halen, niet meer bij zich had. De man ging terug en kreeg zijn kleren terug van iemand die ze van de weg had opgeraapt. Toen de man terug voorbij de Groemelingenstraat kwam, zat de kat er nog steeds. De man wilde het dier slaan, maar herinnerde zich nog net op tijd dat katten vaak vermomde heksen waren.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
759
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Neerrepen   
Plaats van Handelen
Groemelingenstraat   
