Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CDEWA0331_0332_16312 - Man verwijst naar catechismus om bestaan van toverij te bewijzen

Een sage (mondeling), 1967

Hoofdtekst

Over hoenderd joar was de toverie hier moendsgemene. Elk had z’n anecdote of z’n inbeeldienge. Trouwens in de catechismus èn m’oltied geleerd: Man men wel bij waarzeggers en tovenaars te rade gaan? Neen, want dat is God ofgegoan en de duvel angehangen van dewelke deze weten het geen ze zeggen. Dus, ’t moet toch zien dat ’t bestoan et, hee?

Beschrijving

In de helft van de negentiende eeuw was toverij in onze gebieden schering en inslag. Waarom stond er anders in de catechismus geschreven: "Mag men wel bij waarzeggers en tovenaars te rade gaan? Neen, want dat is God afgegaan en de duivel aangehangen van dewelke deze weten hetgeen ze zeggen".

Bron

C. Dewaele, Leuven, 1967

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (oostkust)
513
helft van negentiende eeuw
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Vlissegem    Vlissegem