Hoofdtekst
Jan de Lichte.En Jan deLichte, as den dienen op ’t schavot stond, - da was ook azo nen deugniet -, den dienen zei op ’t schavot, - hoordege kik vertellen - :“Ik ben Jan de Licht,‘k hê ooit veur niemand gezwicht,Maar wel veur mij doen beven.” Zei ’t ie.Ie had enen zijn hoofd afgedaan, su de mensen waren vaneigen schou van hem newaar!
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Toen bendeleider Jan de Lichte op het schavot stond, zei hij: "Ik ben Jan de Licht, ik heb nooit voor iemand gezwicht, maar wel voor mij doen beven".
De bendeleider werd onthoofd. Alle mensen waren bang voor die bende.
De bendeleider werd onthoofd. Alle mensen waren bang voor die bende.
Bron
R. De Geeter, Gent, 1952
Commentaar
4. Historische sagen
oost-vlaams (zuiden)
236
fabulaat
Naam Overig in Tekst
bende van Jan de Lichte   
Jan de Lichte (bende van)   
Naam Locatie in Tekst
Maarke-Kerkem   
