Hoofdtekst
Beschrijving
Enkele mannen gingen in de winter wanneer het gesneeuwd had op hazenjacht in een kolenveld. Toen de mannen daar een haas zagen zitten, haalden ze hun geweer boven. Ze bedachten zich echter toen de haas op zijn achterpoten ging zitten en ze zagen dat het dier twee brandende kaarsjes boven zijn oren had. De mannen schrokken zich haast dood en liepen naar huis. De volgende dag zagen ze de spookhaas weer. Na dat voorval zijn de mannen niet meer gaan jagen.
Bron
J. Van Hout, Leuven, 1962
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
antwerps (geel, gierle, kasterlee, lichtaart,...)
182
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Geel   
