Hoofdtekst
Man vloekt duivel in huis.Den duvel komt dikwijls in de gedaante van ne schone heer, maar dan moet gij maar naar de voeten zien dan heeft hij juist ne paardepoot. Aan de grens van Essen was er eens ene zat, en hij vloekte en tierde al de duvels uit de hel. En op ne keer was zijn vrouw ziek en bediend. Hij was weer zat en aan 't vloeken en tieren en opeens was den duvel daar. Hij vloekte imeers al de duvels uit de hel. En ineens stond hem daar, en hij zelf sprong achter de vrouw op 't bed en zo kon den duvel er niet aan. En de pastoor kwam binnen en zegde: "ja, al wie nooit iet misdaan heeft, die mag binnen." Niemand kwam binnen en toen zei de pastoor dat de vensters moesten opengezet worden en den duvel moest buiten langs 't venster. Zo was hem weg.
Onderwerp
SINSAG 0917 - Teufel (in Tiergestalt) erschreckt Sünder (Fluchende, Holzdiebe, Sonntagsschänder oder Spötter).   
Beschrijving
Een dronkaard die bij de grens van Essen aan het vloeken was toen zijn zieke vrouw de laatste sacramenten had gekregen, verscheen de duivel bij hem. De man sprong snel achter de vrouw op het bed, waardoor de duivel niet bij hem kon. De pastoor kwam binnen en zei: “Al wie nooit iets misdaan heeft, mag binnen”. Er kwam niemand binnen. Daarna liet de pastoor de ramen openen, zodat de duivel langs daar weg kon.
Bron
R. Aertsen, Leuven, 1953
Commentaar
3.1 Duivels
antwerps (noorden van de antwerpse kempen)
295
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Achterbroek-Kalmthout   
Plaats van Handelen
Essen   
