Hoofdtekst
T’er was hier een vrouwmens, en in hare lochting was ’t vol spinnekoppen (spinnen), en z’en wist niet van waar dat die spinnekoppen kwampen. En knopen dat ze op de grond vond! En ze ging bij de paters en als dat ontdaan was en kwampen geen spinnekoppen nimmer of er lagen er geen knopen mimmer!
Beschrijving
Een vrouw die uitzonderlijk veel spinnen in haar tuin had, ging naar de paters. Daarna was de vrouw van de spinnen verlost.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (denderstreek)
217
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zandbergen   
