Hoofdtekst
Toen ik jong was heb ik een beetje hovenier gespeeld op het kasteel van Wijer. Daar vertelde een knecht me dat hij 's nachts dikwijls een spook gezien had. Een juffrouw met een fijn zijden kleed aan kwam naast zijn bed staan, hij hoorde haar kleed over de grond schuiven en hij voelde haar hand op zijn gezicht. Ik zei dat hij eens naar een waarzegster moest gaan te St.-Truiden. Die lei hem uit dat dat betekende dat daar een schat moest wegsteken ergens (sic) maar dat daar iemand in de weg stond. 'Als ik dat vind dan delen we' zei hij en ik heb hem nog helpen zoeken. We hadden in de muren gezocht en onder de planken; de heer was al oud en die zag dat toch niet, maar we hebben niets kunnen vinden. We wisten niet wie ons in de weg stond.
Onderwerp
SINSAG 0301A   
Beschrijving
Op het kasteel van Wijer werkte een tuinier. Op een dag vertelde een knecht aan de tuinier dat hij 's nachts vaak een spook zag verschijnen. Er kwam dan een juffrouw in een zijden kleed naast het bed staan, die de knecht over zijn wang streek. De tuinier raadde de knecht aan om eens naar een waarzegster in Sint-Truiden te gaan. De waarzegster legde de knecht uit dat er ergens een schat verborgen moest zijn, maar dat iemand het vinden van de schat in de weg stond. De tuinier en de knecht hebben samen vele dagen naar de schat gezocht, maar ze hebben nooit iets gevonden.
Bron
F. Beckers, Leuven, 1947
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
zuid-limburgs
memoraat
Cfr. volgend verhaal dat Jules F. heeft nagelaten in een opstel (1930):
In de periode dat het kasteel van Weyer eigendom was van een baron van Diest en de hoeve werd uitgebaat door een zekere Lammens, spookte het verschrikkelijk in het kasteel. Het gebeurde vaak dat de schapen onrustig werden en dat men zag hoe de schimmen van vroegere slotbewoners naar verborgen schatten zochten. Op de bovenverdieping hoorde men vaak het geruis van een zijden gewaad dat over de vloer sleepte. Nu wandelt er soms nog een witte juffrouw in de dreef van Ormelant.
In de periode dat het kasteel van Weyer eigendom was van een baron van Diest en de hoeve werd uitgebaat door een zekere Lammens, spookte het verschrikkelijk in het kasteel. Het gebeurde vaak dat de schapen onrustig werden en dat men zag hoe de schimmen van vroegere slotbewoners naar verborgen schatten zochten. Op de bovenverdieping hoorde men vaak het geruis van een zijden gewaad dat over de vloer sleepte. Nu wandelt er soms nog een witte juffrouw in de dreef van Ormelant.
Naam Overig in Tekst
Lammens
Diest (baron van)   
baron van Diest   
kasteel van Wijer   
Naam Locatie in Tekst
Kozen   
Plaats van Handelen
Wijer   
Sint-Truiden   
Ormelant   
Weyer   
Diest   
