Hoofdtekst
Ich kwam eens te voet van Luik af, om tien uren 's avonds was ich vertrokken en ich ging tot bekans in Tongeren. 't Was schoon licht, gesterd en ich stillekes aan voortgekuierd. En daar was mich ne mens aan 't hout kappen en aan 't voer snijden tegelijkertijd. Ich zag hem kappen en toch was er geen hout te zien en geen voer oech nie. Ich sprak hem aan, eerst in 't Vlaams, maar hij antwoordde nie. Toen in 't Frans maar hij kapte door, hij sprak nie. Ich ging verder en daar was 'n herberg en daar ging ich binnen 'n pint drinken. Ich zeg tegen die man, nu is er mich te nacht wat overkomen en ich vertelde de historie. 'Nee, nee, zei de man, daar deugt 't nie, daar zijn al meer mensen omgekomen.' Dat is mich overkomen. 't Was in 't herte van de nacht.
Onderwerp
SINSAG 0475 - Spuk in Gestalt einer lebendigen Person.
  
Beschrijving
Toen Jef omstreeks tien uur in de avond terugkwam van Luik, zag hij een man die tegelijkertijd hout aan het hakken en voer aan het snijden was. Jan sprak de vreemde man aan in het Frans en in het Nederlands, maar er kwam geen enkele reactie. In een herberg wat verderop vertelde Jef wat hem was overkomen. De herbergier antwoordde: "Ja, daar deugt het niet. Op die plaats zijn al meer mensen omgekomen".
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (noord-west)
107
memoraat
Naam Overig in Tekst
Jef   
Frans   
Nederlands   
Naam Locatie in Tekst
Achel   
Plaats van Handelen
Luik   
