Hoofdtekst
de knechten van Willem Claesssens, ene grote boer, wilden ene zekere Jan, die daar ook knecht was en altijd ene grote mond had dat hij niet bang was (maar waarvoor droeg hij dan altijd ene riek bij zich?) verschrikken. Een draaide zich in een bussel stro en werd door zijn kameraden op de weg neergelegd. Toen Jan aankwam, begon de bussel te kermen en te schreeuwen, maar Jan was niet bang en stak met zijn riek in de bussel: het was op 't nippertje...
Beschrijving
Jan, één van de knechten van Willem C. beweerde altijd dat hij nergens bang voor was. Op een dag besloten de andere knechten Jan een poets te bakken. Een knecht ging langs de weg liggen met een bussel stro over zich heen. Toen Jan het schreeuwende hoopje zag, stak hij onbevreesd zijn mestvork in het stro.
Bron
P. Knabben, Leuven, 1970
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (maasvallei)
M/IV/-
fabulaat
Bandopname?
Naam Overig in Tekst
Jan   
Willem C.   
Frans   
Naam Locatie in Tekst
Maasmechelen   
