Hoofdtekst
’t Was een huus die brandde bij den ouden dokteurs te Wijtschate. En vaneigen als de klokke geluid hadde, de mensen liepen er al naar toe. En als dat een bitje gebrand hadde, ze peisden van daar te moeten en meur insmijten om te doven. De kapelaan kwam er bij en je zei: "Mensen, houdt julder kalme, ‘k gaan ik hier staan en ’t gaat nie mee vodder (verder)”! Ze geloofden ’t nie, maar ’t vier ging tot da en nie vodder.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen in Wijtschate een huis in brand stond, kwam de kapelaan aangelopen met de woorden: "Mensen, kalm blijven. Ik ga hier staan en de brand zal niet meer verder uitbreiden". De vlammen kwamen inderdaad niet verder dan de plaats waar de geestelijke stond.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (ieper)
4
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Voormezele   
Plaats van Handelen
Wijtschate   
