Hoofdtekst
‘k Heb ik vroeger altijd gehoord dat er een onderaardse gang liep van het Tempelhof toe (te) Slijpe naar de Bamburgh hier en naar de Duivelstorre in Nieuwpoort. En dat was van de Tempeliers die gang, ze wareerden (doolden) zieder (zij) ’s nachts in de Duivelstorre al rechtstaande tegen de muur. En omdat ze kwaad deden die Tempeliers hebben ze die gang een keer laten onderlopen en ze zijn d’r al in verzopen.
Beschrijving
Vroeger was er een onderaardse gang die het Tempelhof in Slijpe verbond met de Bamburg in Westende en met de Duivelstoren in Nieuwpoort. Men vertelde dat de Tempeliers 's nachts rechtstaande tegen die muur sliepen. Omdat de Tempeliers kwaad deden, heeft men die gang een keer onder water laten lopen, waardoor alle Tempeliers verdronken.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (kamerlingsambacht)
324
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Tempeliers   
Duivelstoren (Nieuwpoort)   
Bamburg (Westende)   
Tempelhof (Slijpe)   
Naam Locatie in Tekst
Westende   
Plaats van Handelen
Westende   
Nieuwpoort   
Slijpe   
