Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0348_0348_21630

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

‘k En ook nog gelezen dat in Westrozebeke, ’t wos toen nog de tijd dat de boerezeuns uutgingen met ulder peerden zoender voteure. Zo, ze gingen zieder gon wandeln deur de busschen mor ’s navonds ze keerden zieder niet meer were. De gebeurs gingen dor nortoe om ulder te verlossen. Ze wisten zieder dat die bende bestoend mor ze kosten d’er niet an. Den uppersten van Rozebeke, de schoet, zette ’t volk an om die mannen te bevriene (bevrijden) zodanig dat ze heel die bus ofzochten. Mor die mannen woren weg. ’t Woren dor brakschges in die bus wor dat ze zieder in weunden. En de schoet en zijn volk èn ol die brakschges in brande gesteken.

Onderwerp

SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.    SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   

Beschrijving

Twee boerenzonen waren gaan paardrijden in de bossen van Westrozebeke. Omdat de broers 's avonds niet waren teruggekeerd, werden de mensen ongerust. De schout van Rozebeke trommelde iedereen op om het bos te doorzoeken en de twee mannen te bevrijden. De schout en zijn mannen staken alle barakken in het bos in brand. De twee boerenzonen werden echter niet gevonden.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
210C
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Oostnieuwkerke    Oostnieuwkerke   

Plaats van Handelen

Westrozebeke    Westrozebeke   

Rozebeke    Rozebeke