Hoofdtekst
X: Waren er hier geen mensen die konden aflezen?Ja, in Boekel, een meetje: Amelietje Muisontje. Die is bij ons nog geweest, bij onze kleine die een parel op zijn oog had.X: Was dat ook toverij vroeger?Ja natuurlijk, dat is het kwaad dat erop zit.X: Is dat dan genezen?Ja, dat is goed afgelopen.
Beschrijving
Mensen die een parel op hun oog hadden, waren het slachtoffer geworden van toverij. Er was wel een oud vrouwtje dat mensen die aan dergelijke ziektes leden, kon overlezen.
Bron
L. D'haeze, Leuven, 1975
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (zuiden)
135C
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Nederzwalm   
