Hoofdtekst
NM: "Ja. Wat leuk! Dat merk ik ook vaak, zo van: 't begin van het schooljaar hadden we het bijvoorbeeld over griezelverhalen. En toen had ik het verhaal dat Fred altijd vertelt over het Gouden Beentje, van iemand die... Iemand steelt iets van een dode en dan vervolgens..."
FD: "...komt die in een droom weer terug."
NM: "Ja, komt 'ie in de dromen terug. En dat had ik dus op school ook aan de kinderen verteld om te griezelen. En toen zegt zo'n Turks jongetje dat 'ie ook zo'n verhaal kende. En ja, dat vond ik heel leuk. Toen kwam 'ie met een verhaal van een kind dat naar de slager moest om vlees te halen en die was te laat en toen was 'ie naar het kerkhof gegaan, want hij moest toch met iets thuiskomen. Dan had 'ie dan een hart van een dode. En die kwam dus vervolgens spoken. Hahaha. De dag daarna. Dus ja, dat vond ik heel leuk."
MvD: "En wat vroeg die dode toen? M'n hart, mag ik mijn hart terug? Ofzo."
NM: "Ja. Ja. Net als van: 'Whaaah.'"
MvD: "Nou, van het Gouden Been ofzo herinner ik mij als kind: 'Waar is mijn gouden been?'"
NM: "Ja. Ja."
MvD: "Het enge moment, hè, dat werd herhaald. Daarom vraag ik het."
NM: "Ja."
FD: "Ook zo'n herhaling toch ook, hè? Ja, precies."
NM: "Ja, da's net zoiets."
MvD: "En dat eerste verhaal dat je vertelde van die dode, die ken ik als een Sam en Moos mop; die vertelde mijn vader vroeger."
NM: "O ja, wat leuk! Wat grappig hè?"
(Interview met Nelly Manders en Fred Dekkers, Krügerstraat 18, 10 maart 1999, 14.00 - 16.45 uur)
FD: "...komt die in een droom weer terug."
NM: "Ja, komt 'ie in de dromen terug. En dat had ik dus op school ook aan de kinderen verteld om te griezelen. En toen zegt zo'n Turks jongetje dat 'ie ook zo'n verhaal kende. En ja, dat vond ik heel leuk. Toen kwam 'ie met een verhaal van een kind dat naar de slager moest om vlees te halen en die was te laat en toen was 'ie naar het kerkhof gegaan, want hij moest toch met iets thuiskomen. Dan had 'ie dan een hart van een dode. En die kwam dus vervolgens spoken. Hahaha. De dag daarna. Dus ja, dat vond ik heel leuk."
MvD: "En wat vroeg die dode toen? M'n hart, mag ik mijn hart terug? Ofzo."
NM: "Ja. Ja. Net als van: 'Whaaah.'"
MvD: "Nou, van het Gouden Been ofzo herinner ik mij als kind: 'Waar is mijn gouden been?'"
NM: "Ja. Ja."
MvD: "Het enge moment, hè, dat werd herhaald. Daarom vraag ik het."
NM: "Ja."
FD: "Ook zo'n herhaling toch ook, hè? Ja, precies."
NM: "Ja, da's net zoiets."
MvD: "En dat eerste verhaal dat je vertelde van die dode, die ken ik als een Sam en Moos mop; die vertelde mijn vader vroeger."
NM: "O ja, wat leuk! Wat grappig hè?"
(Interview met Nelly Manders en Fred Dekkers, Krügerstraat 18, 10 maart 1999, 14.00 - 16.45 uur)
Onderwerp
AT 0366 - The man from the gallows   
ATU 0366 - The Man from the Gallows.   
Beschrijving
Een kind moet naar de slager om vlees te halen, maar de winkel is dicht. De jongen haalt op het kerkhof een hart van een dode. 's Nachts komt de dode zijn hart terugeisen.
Bron
interview door Marie van Dijk en Theo Meder (band archief MI)
Commentaar
10 maart 1999
The Man from the Gallows
Naam Overig in Tekst
Fred [Dekkers]   
Turks   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
