Hoofdtekst
Mijn moeder ee nog angegon geweest in ’t kerkeweugeltje o ze nor de biechte ging up e zaterdagavond. Ze moste lansen twee lochtingen (moestuin) passeren en an iedern lochting wos er e poorte. En o z’an die tweede poorte kaam, stoend er e vromens, mor ze dei heur geen kwaad. En o z’in de biechte kaam, ze zei dat tegen de biechtvader en die biechtvader zei: "Je zult ze niet meer zien o je werekeert." Ze wos weg.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Een boerin ging op een zaterdagavond biechten. Toen ze over het kerkweggetje liep, moest ze voorbij twee moestuinen die afgesloten waren met een poort. Bij de tweede poort stond een vrouw. Tijdens de biecht sprak de boerin over de vrouw die ze had zien staan. Daarop zei de pastoor: "Op de terugweg zal je die vrouw niet meer zien". Zo was het ook.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (vrijbos)
191F
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hooglede   
