Hoofdtekst
X: En van Onzevrouwtje van St.-Jan, heb je dat nog gehoord?19: Ja, je weet… je hoort dat vertellinkje hé, dat ze vertellen, ding hé, dat kind was dood hé, en het is levend geworden hé, of het is…X: Het was een heel kleintje?19: Het was een… ja maar, een pasgeboren.X: Ja?19: Het was een pasgeboren.X: En heeft het niet lang geleefd?19: En het is… nee, het is weer gestorven hoor, maar het is tot leven gekomen zodat ze het hebben kunnen dopen.X: Ah ja.19: En dat is dat, dat het een grote ding is hé.Y: Het mirakel.19: Dat is het mirakel.
Beschrijving
Een pasgeboren kindje dat ongedoopt was gestorven, werd tot leven gewekt, zodat het kon worden gedoopt. Daarna is het kind opnieuw gestorven.
Bron
M. Sohier, Leuven, 1982
Commentaar
5. Sagen - Legenden
west-vlaams (poperinge)
19F
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Poperinge   
