Hoofdtekst
’t Was hier een paster die konkurentie deed aan de dokteur. Je (hij) las hij af en al. ‘k Zou je wel dood schiet’en, zei die dokteur. Laat me toch nog eerst een gebedetje lezen, zei die paster en die dokteur stond dat toe. Maar op slag stonden ten (stond hij) daar stakestijf van die paster. Je moste (hij moest) niet meer schieten. Z’hebben ton (dan) moeten een hoogtere (hogere) geestelijken d’r bij halen, die beter geleerd was en meer macht had of ze kregen dien dokteur niet meer los. Ja, ze kannen ’t ook wè, de paster en de paters.
Onderwerp
SINSAG 0666 - Zauberer bannt an den Ort.   
Beschrijving
In Middelkerke woonde een pastoor die concurreerde met de dokter omdat hij zieken ging overlezen. Terwijl de pastoor aan het bidden was, toverde hij de dokter vast aan de grond. Uiteindelijk heeft men een machtigere geestelijke moeten laten komen om de dokter te bevrijden. Pastoors en paters bezaten ook toverkracht.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (kamerlingsambacht)
859
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Middelkerke   
Plaats van Handelen
Middelkerke   
