Hoofdtekst
Ik heb eens een vies gedacht gehad. Ik ging eens ne keer buurten bij ene en ik had daar wat gezeten tot een uur of tien. Toen ik wegging zei de vrouw: "Ziet maar dat ge niet verloren loopt!" Dat was maar een paar honderd meter van ons af en ik zei toen: "Wil ik mijn ogen toedoen, dan loop ik nog niet verloren." Ik trek de deur achter mij toe en ik wist van niets meer. Ik aan het gaan en gaan en ik kroop al door ne gracht maar ik kon mij niet meer bekennen. Ik bekende mij alsof ik ergens uit de lucht gevallen was. Op ne keer zie ik daar een klein lichtje van ne lantaarn en ik roep en dat was de veldwachter en die zei: "Wat komt gij hier doen?" Ik zei toen: "Ik beken mij niet meer, ik kan maar niet thuisgeraken." De boy, Pierke, die heeft mij op de weg gezet. Ik was wel een paar kilometer van thuis af. Na nen tijd zei Pierke: "Hier is de weg; hier zijt ge toch bekend." Maar ik bekende mij toch niet. Toen is die bij mij meegegaan tot op honderd meter van thuis. Toen eerst bekende ik mij. Dat zijn geen fabels; dat is echt gebeurd. Daar had ik een aardig gedacht van.
Onderwerp
SINSAG 0540 - Hexe führt irre   
Beschrijving
Een man was 's avonds bij een vriend op bezoek geweest. Toen de man vertrok, sprak de vrouw des huizes tot hem: "Zorg maar dat je niet verdwaalt!", waarop de man had geantwoord: "Zelfs als ik met mijn ogen dicht zou gaan, dan nog zou ik niet verdwalen". Zodra de man de deur achter zich had gesloten, kon hij zich merkwaardig genoeg niet meer oriënteren. De man dwaalde zozeer van de weg af, dat iemand anders hem naar huis moest brengen.
Bron
A. Princen, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tussen hasselt en beringen)
373
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Helchteren   
