Hoofdtekst
Tant Nieke die heeft ook vanzeleven iets aan de hand gehad. Zij en Maan kwamen van de Zonhovenkermis terug en toen kwam daar een ketteke voor hen liggen. Dat was met zijn poten omhoog aan het spartelen en dat speelde maar. En toen zei Maan: "Wil ik dat ketteke eens van de weg afhouwen." "Doet dat niet" zei Nieke. Die had daar al veel van horen vertellen. Toen zijn ze daar doorgegaan en dat ketteke bleef voor hen oplopen tot ze bij hen thuis waren.
Beschrijving
Toen N. en M. terugkwamen van de kermis in Zonhoven, zagen ze een katje op de weg liggen, dat met de poten in de lucht aan het spelen was. M. wilde het katje van de weg slaan, maar zijn vrouw gaf hem de raad dat niet te doen. Het katje volgde de mensen tot ze thuis waren.
Bron
A. Princen, Leuven, 1965
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tussen hasselt en beringen)
146
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Houthalen   
Plaats van Handelen
Zonhoven   
