Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

RCELI0265_0266_828 - Weerwolf verlost door het verbranden van zijn band

Een sage (mondeling), 1954

Hoofdtekst

Op een plaats was 'ne knecht bij 'ne baas, en die gong alle navonden uit ichteren, die kosten ze niet daar houwen. Toen dacht de baas: 'Ik moet weten waar die blijft.' En toen hadden ze hem nagehouwen. Hij kroop daar op een plaats op 'ne soeds, en daar haalde hij 'ne ring van; hij kroop door die ring en dan was hij hond, weerwolf. Toen gong daar ene kijken, en die vond daar die band, 'ne leren och wie och wat dat weet ik niet. 'Die ga ik meepakken', dacht hij. Hij pakte de band mee, en toen den oven goed aangestoken ... Toen hij er hem meende in te gooien, stond de knecht bij hem. Hij wou den oven in vliegen om de band er nog uit te halen, maar toen hij opgebrand was, toen zei hij: 'Nu ben ik verlost, nu ben ik vrij.'

Onderwerp

SINSAG 0824 - Die verbrannte Haut (Gurt, Halsband)    SINSAG 0824 - Die verbrannte Haut (Gurt, Halsband)   

Beschrijving

Een boer had een knecht die 's avonds altijd wegging. Op een avond had de boer echter gezien dat de knecht op een boomstronk ging zitten, door een leren ring kroop en dan in een weerwolf veranderde. De volgende dag gooide de boer de halsband van de jongen in het vuur. Ogenblikkelijk kwam de knecht aangesneld om zijn halsband nog uit de oven te halen. Toen de halsband helemaal was opgebrand, sprak de knecht opgelucht: "Nu ben ik verlost, nu ben ik vrij."

Bron

R. Celis, Leuven, 1954

Commentaar

1.6 Weerwolven
limburgs (bree en omstreken)
Weerwolf verlost door het verbranden van zijn band: variant (Opglabbeek)
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Opglabbeek    Opglabbeek