Hoofdtekst
’t Was hier op ’n boerhof dat ’t gebeurde. De boer ging op ‘nen uchtend naar d’houtmijt en hij pakt ’n paar bundels hout om in den oven te smijten, ommeddekeer ziet hij ’n vel! Hij trekt zere nog ’n paar bundels weg en der lag daar ’n soort berevel.Den boer pakte zere zonder dat iemand het zag dat berevel mee en smeet ’t zere in den oven met ’t hout. En op ’t zelfste moment horen ze ‘ne schreeuw en ze zien hoe dat de knecht zijn alaam (gereedschap) wegsmijt en al tuiten ’t erf komt opgelopen met zijn armen in de lucht. En roepen en tuiten dat hij deed! "Ai ai, mijn vel, de werewulf gaat mij kapot-trekken!" En ’t schuim stond op zijn lippen van benauwdheid… Maar den boer kalmeerde hem en zei: "Ventie, ge moogt blij zijn dat ‘k uw vel verbrand heb want hij heeft nu geen macht meer over u. En ge moet nu oppassen dat ge van heel den Advent niet meer langs Bouveloots bos gaat, of hij trekt u were ’n ander vel aan!"
Onderwerp
SINSAG 0824 - Die verbrannte Haut (Gurt, Halsband)   
Beschrijving
Op een boederij vond een boer op een ochtend een berenvel in de houtmijt. De boer nam het vel mee en gooide het in de oven. Op het ogenblik dat het vel vuur vatte, hoorde de boer een schreeuw en zag hij hoe de knecht zijn werkgereedschap weggooide en roepend naar binnen kwam. De knecht hield zijn armen in de lucht en had schuim op zijn mond van angst. "De weerwolf zal mij doden!" riep hij. De boer antwoordde: "Je hoeft niet bang te zijn, want nu ben je verlost. Gedurende de Adventsperiode mag je echter niet meer langs Bouveloots bos wandelen, want anders trekt de weerwolf je een nieuw vel aan".
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.6 Weerwolven
west-vlaams (tussen schelde en leie)
553
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Advent   
Naam Locatie in Tekst
Avelgem   
