Hoofdtekst
b) ’t Was een keer op een maandagavond in Hollebeke en in een café recht voor de kleerwinkel van Vansuydt, nevens de smesse van Henrieten Mahieu, kwam er een here binnen met een strooien hoed aan. Je dronk een pinte en ging voort rond den elven. ’s Anderendaags ’s nuchtens was de kleerwinkel van Vansuydt geplunderd.
Beschrijving
Op een maandagavond kwam in een café tegenover een kledingzaak een man met een strooien hoed binnen. De man dronk een glas en vertrok omstreeks elf uur. De volgende ochtend stelde men vast dat de kledingwinkel helemaal was leeggeplunderd.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (ieper)
33b
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Brielen   
