Hoofdtekst
Je ging wor dat er geld wos. J’ééd hij nogol veel minschen vermoord, wel jajon bij dat’k ik hoord één. De minschen woren d’er ol benauwd van. Dat wos e grote bende want je ging hij roend voor te schilderen met e bende. D’ene gingen bij de boer gon werken en d’andre woren schilderare. ‘k Weet ik niet hoelange datten dat gedon éét. J’ee toen gestraft geweest en in ’t kot gezeten. J’ee voor zijn leven hèt, gelove’k ik omdatten zovele minschen vermoordde. ‘k Geloven ’t niet dat er dor vrovolk bij die bende wos. ’t Wos ol mannevolk. ‘k Geloven dat ze meest olhier, ol der kanten van de Kemmelberg bij de boeren en de meulenaars zaten.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Bakelandt heeft veel mensen vermoord. De bende van Bakelandt bestond uit een groot aantal rovers, onder wie ook enkele vrouwen. Sommigen onder hen gingen op boeren werken, anderen gingen schilderen om te weten te komen welke mensen geld in huis hadden. Bakelandt heeft lange tijd in de gevangenis gezeten. Misschien heeft hij wel levenslang gekregen.
De bende van Bakelandt vertoefde vooral bij molenaars en boeren in de buurt van de Kemmelberg.
De bende van Bakelandt vertoefde vooral bij molenaars en boeren in de buurt van de Kemmelberg.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
199B
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bakelandt   
Bakelandt (bende van)   
bende van Bakelandt   
Naam Locatie in Tekst
Oostnieuwkerke   
