Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

DTRUY0051_0051_9185

Een sage (mondeling), 1946

Hoofdtekst

In vaders tijd heeft de pest eens geheerscht te Beek en dat zal nu zoo ongeveer honderd jaar geleden zijn. Op acht dagen gingen bij ons thuis acht koeien kapot. Dat was zoo bijna in gansch het dorp. Op één boerderij gebeurde iets bijzonders; daar kwam er nog de kwade hand bij. De pastoor werd om raad geroepen, doch deze wilde het vee niet overlezen; later echter heeft hij orders van den Bisschop gekregen. Men moest het mest uit den stal varen terwijl het paard te eten stond, en de boeren moesten zelf de kar trekken. Toen de "schelft" (= schuur waar het hooi of stroo geborgen wordt) werd losgemaakt, viel er een "poppeken" uit naar onder; iedereen had het goed gezien, doch als men het nemen wilde was niets meer te vinden. De pastoor groef zelf met de spade een gat in den grond om het te vinden. Toen is hij begonnen met het overlezen der "kwade hand". Deze heerschte daar zoo erg dat het zweet hem van het voorhoofd dreef, en de kapelaan hem heeft moeten helpen. Erna is weer alles als te voren geworden: dat was de kwade hand, anders niets.

Onderwerp

SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste    SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   

Beschrijving

Toen in Beek een pestepidemie heerste, stierven op alle boerderijen veel koeien. Op één boerderij werd men daarenboven ook geplaagd door de kwade hand. De boeren moesten zelf de kar trekken omdat de paarden het niet wilden. Bij het openmaken van de schelft (1) viel er een poppetje op de grond. Hoewel iedereen het poppetje had zien vallen, was er op de grond niets meer te zien. Nadat de pastoor en de kapelaan de boerderij hadden overlezen om de kwade hand te verdrijven, gebeurden er geen vreemde dingen meer.

Bron

D. Truyen, Leuven, 1946

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (noorden)
Omstreeks 1846
fabulaat
De 'schelft' was de naam voor de schuur waar het hooi en het stro werd bewaard.

Naam Locatie in Tekst

Hamont    Hamont   

Plaats van Handelen

Beek    Beek