Hoofdtekst
Tegen "De Tassche" is er een hof: de Roo Poorte. ’t Wos do vroeger nen schoaper die de Zundag no Duitsland gink. En de koeier had ne keer zo gezoagd om mee te goan. En ze gingen weg ip een geete, mo de koeier mochten ie spreken. En de koeier zei toch "Dat wos ne grote spronk hé". En olmetnekeer zat ne ip nen elsentronk in de regen midden ’t veld.
Beschrijving
Op boerderij de Roo Poorte werkte een schaapherder die op zondag altijd op een geit naar Duitsland vloog. De koewachter wilde een keer meegaan met de herder. De schaapherder nam de koewachter mee, maar drukte hem op het hart dat hij onderweg niet mocht spreken. Toen de geit een sprong maakte, zei de koewachter: "Dat was een grote sprong hè!" Het volgende ogenblik zat de koewachter in de regen op een elzenstronk in het veld.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (groot-roeselare)
36
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Roo Poorte (boerderij in Ardooie)   
Duitse schaper   
Naam Locatie in Tekst
Ardooie   
