Hoofdtekst
Dao was ne mansmiens, getrouwd. Zên vraâ en kinderen waren in huis. Hê miek vensters en deuren toe. Toen stak’em ’t huis in brand. Ze hêmmen ‘em gepakt en ok gestraft. Aan de brandstaok in Loeî hêmmen ze hum levendig verbrand.
Beschrijving
Een man had zijn vrouw en kinderen opgesloten en daarna het huis in brand gestoken. Men heeft de man opgepakt en levend verbrand aan de 'brandstaak' in Tessenderlo.
Bron
C. Ooms, Leuven, 1968
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (beringen en omstreken)
537
fabulaat
Naam Overig in Tekst
brandstaak (Tessenderlo)   
Naam Locatie in Tekst
Deurne   
Plaats van Handelen
Tessenderlo   
