Hoofdtekst
9 En onder Mensing (= † Eugène Mensing - Tans, Waterstraat 31) in de berg, daar moet ook iets gebeurd zijn, want die daar gingen, die verdwaalden, die konden niet meer uitkomen.I Die van Mensing?9 Ja, onder Mensing in de Berg. Dat was ‘Onder ’t Zwart’. Zo heetten ze dat daar. En die daar gingen, die kwamen niet meer uit. Als je nu in de berg gaat en je bent eenmaal aan het ronddraaien (= in cirkels aan het lopen), dan moet je goed oppassen, want dan kom je er niet meer uit. Dan moet je juist goed weten, een punt waar een pijl staat of zoiets. D’r bleven er dikwijls in de berg zitten, een ‘oalele’ (= hele) nacht en ’s anderendaags: "Die zijn weg." En dan moesten ze ze gaan zoeken.I En heeft dat ook iets met …9 Jaja, ze zeiden dat het daar onder Mensing ook spookte. Spoken, heeft dat bestaan of niet? Ik denk het niet.I Wie zal het zeggen ?9 Ja, wie zal het zeggen? Maar ik denk het niet. Ik meen dat de mensen dat zo nauw in hun gedacht stelden…I Ze noemen dat bijgeloof, wat is daar van waar?9 Toch bestaat iets.I Dat zegt iedereen wel waar ik kom.
Beschrijving
In de berg die 'Onder 't Zwart' werd genoemd, raakten de mensen vaak verdwaald. Op die plaats spookte het.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (groot-riemst)
9N 221
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Onder 't Zwart (Zichen-Zussen-Bolder)   
Naam Locatie in Tekst
Zichen-Zussen-Bolder   
