Hoofdtekst
5.D Maar Peerke van Berte (Peerke Borgers), die hebt gij goed genoeggekend, hé?2. Ja5.D Die was daar ... die moest er tante tegen zeggen en Mieke (MiekeBorgers), Mieke uit de Neerstraat, hé... Wel, dat was een tweewoonstzogezegd, maar een voorplaats en een achterplaats. Daar woonde Mie-ke van Peerke en dan moest ze voorbij Kermis Trientje. En daar waarde Horzel (Lens) nu woont, daar was het recht tegenover, hé.En daar stond toen nog een kant, met een padje ernaast of iets,ik weet het niet.En daar ging Peerke met zijn zuster, zo wijd als ze konden achter die kant door, hé, en dan praatten ze er over met elkaar, ja, praten, hé, en dat wist Trientje 's anderendaags. Dan wist ze alles. Alles wat zij gezegd hadden. Zodus, het was een heks, hé. En dan zat ze in de kant en van daar gingen ze wijd weg - een meter misschien van haar, hé - en dan maar praten. Trientje wist alles, maar Trientje zat overal in heg en struik te luisteren en te doen. En dat waren heksen, hé, die alles wisten, hé. X Ja.Ja .2. Zo spekuleerden die mensen ,hé .
Beschrijving
Een heks zat altijd tussen de struiken of de hagen om voorbijgangers af te luisteren. Daarom wisten heksen alles wat de mensen hadden gezegd.
Bron
C. Verheyen, Leuven, 1982
Commentaar
antwerps (arendonk)
5D
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Arendonk   
