Hoofdtekst
Aan de Linden, do is nog get (iets) gebeurd wei (toen) ich zo een heel klein manneke was. Do kwamen altijd drie haaskes, die liepen tussen de mensen hun benen door, maar niemand kos ze vangen en ze smeten met stenen ernaar, maar ze kosten ze niet treffen. En wei (toen) het huis aan de Linden afgebroken was, hadden ze geld gevonden en ze hebben die haaskes nooit meer gezien.
Onderwerp
SINSAG 0311 - Weisse Frau ist eine zurückgekehrte Tote.
  
SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.   
Beschrijving
In Martenslinde liepen drie haasjes rond, die zich door niemand lieten vangen. Toen in het dorp een huis was afgebroken, vond men geld in de grond. Sindsdien heeft men de haasjes niet meer gezien.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (bilzen)
120
Kindertijd van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Martenslinde   
Plaats van Handelen
Martenslinde   
