Hoofdtekst
Heks doet het spoken 's nachts te twaalf uur.Ja, in '26 was dat, deenk, dan heet er hier is ne metser gewerkt en oep ne keer luidden het is overdood en die zei: "Naa is er een kwaai gesteurreven." Die kost nie sterven. Ik zeg: "Allei, Louis, allei." "Ja, ja", zeet'em, "d'r hemmen ze eerst de paters veur mutten gaan roepen eer dat die kost sterven." En die vertelde dan dat er in geburen waren at alle nachten nen boenk hoorden, alle nachten oem twelf uur en die waren d'r zelfs de gendarmen veur gaan roepen. 'k Zeg: "Mor Louis toch!" En die hadden ook nor de paters gewest en dan musten ze ne kerkboek oep 't evangelie open leggen aan de deur. Da was veur die machteloos te maken zeker. Da was in '26, ja, en ge must daar nie mee lachen zenne, at'em da vertelde want a g'er iet over zei, dan brak het zweet 'em uit.
Beschrijving
In 1926 stierf in Schilde een kwade vrouw. Die vrouw kon pas sterven nadat de paters bij haar waren geweest. De buren van die vrouw hoorden vroeger iedere nacht om twaalf uur een bonk. De mensen gingen dan naar de politie en naar de paters, van wie ze de raad kregen om het evangelie open te leggen bij de deur om de heks op die manier machteloos te maken.
Bron
H. Hendrickx, Leuven, 1962
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (overgangsgebied antwerpen - kempen)
406
1926
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Schilde   
Plaats van Handelen
Schilde   
