Hoofdtekst
Ik kwam op nen avond eens van Beerse. Ik was niet zat en 't was niet donker. Ge zaagt al de boomkes goed staan. Ineens stond ik aan de vaart, op de vaartdijk. En ik gaan terug en weer gegaan. En weer kwam 'k aan de kant van de vaart en zo drie keren terug. Ineens schoot er in mijn gedacht dat ons vader vroeger gezegd had: "Sint-Jans evangelie", en 'k was zo voort thuis.
Beschrijving
Een man die op een avond terugkwam van Beerse, raakte verdwaald, hoewel hij niet gedronken had en het nog niet donker was. Plots herinnerde de man zich dat zijn vader hem ooit de raad had gegeven om in zo’n geval het Sint-Jansevangelie te bidden. Toen hij dat deed, vond hij de weg meteen weer.
Bron
R. Aertsen, Leuven, 1953
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (noorden van de antwerpse kempen)
130
memoraat
Naam Overig in Tekst
Sint-Jansevangelie   
Naam Locatie in Tekst
Rijkevorsel   
Plaats van Handelen
Beerse   
