Hoofdtekst
’t Was e kir e mens da koeken bakte. En die deeg bekwaam nooit. ’t Zaat dor e katte oender de stove. In heur kolere, ze smeet heel die ketel deeg ip die katte en den aanderen dag laagt er e wuuf verbraand in heur bedde.
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
Een vrouw die koeken wilde bakken, stelde vast dat het deeg maar niet wilde rijzen. Onder de kachel zat een kat. In een vlaag van woede gooide de vrouw de ketel deeg over de kat. De volgende dag lag een vrouw uit het dorp met brandwonden in haar bed.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (nw van houtland)
59.6
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Gistel   
