Hoofdtekst
21B En dan kwamen ze die tegen met hun kinderen. En dat één dat was nog een kleintje : "Oh, dat is een schoon kindje, dat is een schoon kindje. Mag ik dat eens pakken?" Ja, en de moeder, mijn overgrootmoeder, die gaf dat kind af. En de vader zei: "Dat had ik niet gedaan." ’s Anderendaags, dat kind werd ziek en dat kind stierf. En de mensen, dat was ’s nachts gestorven, die waren nog nergens in de geburen (buurt) geweest of niks gezegd. Maar die had de geburen afgegaan: "Nu is Jefke ook dood." Die heks dan.x Ja, die wist al wat er ging gebeuren.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een moeder die met haar kindje aan het wandelen was, kwam een vrouw tegen, die zei: "Mag ik dat kindje eens vastnemen?" De volgende dag werd het kindje ziek en 's nachts stierf het. Nog vóór de ouders aan iemand hadden verteld dat hun kind dood was, ging de heks naar de buren om te vertellen dat het kindje was gestorven. De heks wist het nieuws dus al voordat iemand het haar had verteld.
Bron
T. Bergen, Leuven, 2003
Commentaar
2.1 Heksen
vlaams-brabants (groot-aarschot)
21B
Overgrootmoeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Langdorp   
