Hoofdtekst
Wat daar op de kapellekenspad liep, dat was ook zoiets zenne. En thuis hadden ze mij altijd wijsgemaakt, als ge zoiets aan de hand hebt, moogt ge nooit een baan pakken, maar altijd een klein pad. En dat had ik gedaan. Dat was precies zo'n troep patrijzen. Dan waren ze naast mij, en dan weer zover boven mij dat ik ze bijna niet meer hoorde. Maar die volgden mij eh. Toen ben ik een padje ingereden, en niks meer gehoord!
Onderwerp
SINSAG 0606 - Hexe als Vogel   
Beschrijving
Wie vermoedde dat er een heks in de buurt was, mocht nooit langs een grote weg voortgaan. Een man die op de weg allemaal patrijzen had gezien, nam een klein weggetje. Daarna werd de man niet langer door de dieren gevolgd.
Bron
F. Beerten, Leuven, 2003
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-beringen)
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Koersel   
