Hoofdtekst
Ze wareerden zieder in de busschen en ’s navonds gingen ze zieder uut nor Staân en nor Rozebeke. En t’e dor toen e burgemeester geweest en z’èn met zijn benen omhoge in de kave van den heerd hangen. En ’t wos dor e wuvetje die eten makte voor de bende en wor dat ze rendez-vous hadden. Enne liep hij roend lik èn here en j’hadde nooit gezeid dat dat e bandiet wos. Ze zein ook datten hij de peerden uut de stollen haalde om toen van ’t ene nor ’t andre te vliegen om te stelen en ozo rapper weg te zijn.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
De bende van Bakelandt vertoefde in de bossen en trok 's avonds naar Staden en Rozebeke. Een burgemeester werd door de bende verrast en met zijn benen omhoog in de schoorsteen gehangen. Bendeleider Bakelandt was meestal gekleed als een heer en hij vertelde aan niemand dat hij een rover was. Hij haalde soms ook de paarden uit de stal om zich snel te kunnen verplaatsen en op een andere plaats een inbraak te gaan plegen. Er was een vrouw die eten maakte voor de rovers van de bende van Bakelandt.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
106D
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bakelandt   
Bakelandt (bende van)   
bende van Bakelandt   
Naam Locatie in Tekst
Poelkapelle   
Plaats van Handelen
Staden   
Rozebeke   
