Hoofdtekst
I -En hebt ge zo iets gehoord zo, hebt ge zo verhalen gehoord over bijvoorbeeld Jan de Lichte.7 E -‘k Weet dat Jan de Lichte ‘t kopstuk was van een bende van Velzeke hier en als hij, als hij bij de boeren binnenkwam de voeten van de boeren verbrandde opdat ze zouden gezegd hebben waar hun geld lag hé.I -Om hun te doen spreken?7 -Ja, om hun te doen spreken, ik peins dat het in een boek bestaat “Jan de Lichte”.I -Ja, hebt u dienen (dat) boek gelezen, hebt u die verhalen daaruit of hebt ge ze van horen zeggen.7 -Nee, ik heb dienen (dat) boek niet gelezen. (Ik heb het) van horen zeggen ja.I -Hebt ge dat verhaal gehoord van die vertinner zogezegd dat Jan de Lichte dat kokend tin in zijn mond had gegoten terwijl hij lag te slapen?7 -Nee, dat heb ik nooit niet gehoord. ‘k Heb den (het) boek nooit niet niet gelezen, maar ik weet dat er een boek van bestaat.I -Ik heb hem thuis laten liggen, ‘k Heb hem uitgeleend, dus van Ternest of zo?7 -Dat was ‘t kopstuk van een bende hé,Jan de Lichte.I -En hadden ze hier veel schrikvoor hem hier in de buurt?7 -Iedereen was benauwd.I -Dat was dan als u kind was of zo dat dat zich afspeelde? (stomme vraag, de informante is uiteraard te jong om dit nog meegemaakt te hebben.)7 -Ik was maar een kind ja, als ik dat heb horen vertellen, maar ik weet niet of dat dat in die tijd gebeurd is ze, ‘t kan al gebeurd zijn voordat ik geboren was.I -Dat die verhalen gewoon nog verder verteld werden?7 -Ja.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Jan de Lichte was de leider van een bende die actief was in Velzeke. De rovers staken de voeten van de mensen in brand opdat ze zouden zeggen waar hun geld verborgen lag.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
4. Historische sagen
oost-vlaams (groot-zottegem)
7E
fabulaat
Naam Overig in Tekst
bende van Jan de Lichte   
voetbranders   
Jan de Lichte (bende van)   
Naam Locatie in Tekst
Strijpen   
Plaats van Handelen
Velzeke   
