Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MVAND0167_0167_33314

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

In ons huis en zoôn ze niet binnengekomen hebben zelle, de die die de naam van toveresse hadden. Ons Maria de die maaktegen azo altijd bloemen op kussen hé, en voor de venster waar ons Maria zat kwamp er altijd ene tegen haar klappen (spreken); maar z’n kost niet binnen, ge moest ze binnen vragen. En ons Maria zei dan: “Ge moogt binnenkomen zelle!” en op de slag was ze binnen! En haar dochter had daar geweest, beneên en altijd kwam ze onzen boôgaard op en al hier af, en mijne man zei: “’t en zal niet blijven waar zijn”, zei hij; en hij zag ze weer opkomen, en hij komt in huis achter een wijwaterfles, en hij giet het over haren bostelstel en hij zwiert hem azo voor de poort, en ze keek erover; maar z’en koste niet dore zelle, en z’en heeft al hier nimmer over geweest!

Beschrijving

In een huis kwam vaak een toveres bij het raam een praatje houden met de bewoonster. Die toveres kon echter niet binnen vooraleer de vrouw haar uitdrukkelijk had gevraagd binnen te komen. De dochter van die toveres liep altijd heen en weer in de boomgaard van die mensen. De man werd dat beu en legde een bezemsteel die hij met wijwater had besprenkeld, voor de poort. De vrouw kon er niet overheen en ze is daarna nooit meer op bezoek geweest.

Bron

M. Van Der Linden, Leuven, 1964

Commentaar

2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
475
memoraat

Naam Locatie in Tekst

Ophasselt    Ophasselt