Hoofdtekst
Z’e zie heur boeken moeten ofgeven aan Roense, u (toen) z’ip ’t kasteel gon weunen is, in ene van die huzetjes ee. Da woaren toverboeken. Da was de paster, zeggen ze.
Beschrijving
Toen een heks op een kasteel ging wonen, moest ze haar toverboeken afgeven aan de pastoor.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
2.3 Toverboeken
west-vlaams (nw van houtland)
37.6
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Gistel   
