Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MVAND0138_0138_33206

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

In mijn jongde (jeugd) heb ik veel meegemaakt van ’t geen dat we tegengekomen zijn: veel sterften van beesten. En we hadden wij eerst op dat dat van Ons Heer kwam, maar door den duur omdat we zulke danige aardigheden zagen, en ’s nachts allemaal dat lawaait, peizdegen wij dat dat niet en kost zijn. En daarmee namen wij onzen toevlucht tot ’t geestelijk. En we waren naar Gent, naar de paters Augustijnen geweest. En als we daar naartoe gingen was dat nogal dikwijls ne keer gedaan: ze overleesdegen ons, ze gaven ons gewijd brood, waar moesten daar negen dagen van eten, en in ’t eten van de beesten ook doen, en binst de negen dagen moesten we allemaal biechten en te communie gaan. En dat was nogal dikwijls ne keer gedaan, maar als dat te ver gekomen was en en was dat niet gedaan, dan moeten ze zelf komen. En als de neuvaine uit was, was ’t van tien negen keren gedaan.

Beschrijving

Op een boerderij waar veel dieren stierven, ging men te rade bij de paters van Gent. De mensen werden door de paters overlezen en kregen gewijd brood waarvan ze negen dagen moesten eten. Ze moesten ook stukjes van dat brood met het voeder van de dieren mengen. Binnen die negen dagen moesten alle bewoners van de boerderij biechten en te communie gaan.
Wanneer de paters zulke interventies ondernamen, was het ongeluk meestal afgelopen na die noveen.

Bron

M. Van Der Linden, Leuven, 1964

Commentaar

2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
360
Jeugd van de informant
memoraat

Naam Overig in Tekst

paters van Gent    paters van Gent   

Gent (paters van)    Gent (paters van)   

Naam Locatie in Tekst

Aspelare    Aspelare   

Plaats van Handelen

Gent    Gent