Hoofdtekst
En vroeger de Ijslandvaarders ze kwamen zieder (zij) naar huis over ’t water in een eierschelpe en ze zagen al wat dat under (hun) wuvers (vrouwen) deden. Thuis en in de café’s den helft van tijd (soms). En dat was ook de waternekker die under (hen) verleidde. En as ze thuis kwamen ze zeien al tegen under (hun) wuf (vrouw) wat dat ze gedaan had.
Beschrijving
Vroeger kwamen de Ijslandvaarders in een eierschaal over het water naar huis. Zo kwamen ze alles te weten wat hun echtgenotes tijdens hun afwezigheid deden. De waternekker deed hen verdwalen.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
1.1 Watergeesten
west-vlaams (kamerlingsambacht)
20
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Ijslandvaarder   
Naam Locatie in Tekst
Oostende   
