Hoofdtekst
Os die duveltjes ip kwaâm most (op kwamen moest) je zien daj’ze werk kost geven. Ah ja! Ze goten dikkers ’n vat lienzoad in d’hoetvume, mo z’hadden da direkt do were ut’hoald. En ton goaten (goten) ze zoete melk te goare me karnemelk. Mo da kosten ze niet ut een hoalen (halen) en ze woaren ton weg.
Beschrijving
Als men bezoek kreeg van duiveltjes, dan moest men de duiveltjes werk geven. Zo kon men bijvoorbeeld lijnzaad in een houtmijt gieten. De meeste duiveltjes hadden dat lijnzaad echter onmiddellijk uit het hout gehaald. Dan moest men zoete melk en karnemelk vermengen en de twee melksoorten door de duiveltjes laten scheiden. Omdat de duiveltjes die opdracht niet konden vervullen, was men van ze verlost.
Bron
L. Cumps, Leuven, 1965
Commentaar
3.1 Duivels
west-vlaams (z van brugge)
26
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Andries   
