Hoofdtekst
An de rootputten kwam d’r alten een wit hondje gegaan en ’t ging alten mee tot an d’hoogte. En een ende later kappen ze de bomen af en onder de tronke van ne grote boom vinden ze ne ponk (pot gevuld met geld), da’s een vat vul geld. En ’t zat daar veel geld in. En sedert da ze da geld gevonden hân, hèn ze dat hondje nooit nie meer gezien.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
In het bos liep altijd een wit hondje rond. Toen men de bomen omhakte, vond men onder de wortels van een grote boom een pot vol geld. Nadat dat geld gevonden was, heeft men het hondje nooit meer gezien.
Bron
P. Vandewalle, Leuven, 1968
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (o van houtland)
177
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Wingene   
