Hoofdtekst
Toe Roksem was d’r daar ook een ventje waar dat er vele benauwd van waren. Droekstje heette dat ventje. Droekstje zat ne keer in ’t café de zondagnacht. Mijne nonkel was benauwd. "Charles", zei Droekstje, "ge moet niet benauwd zijn". Hij zei: "Pier Pol" en een hond ging mee naar huis met Charles.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
In Roksem woonde een tovenaar voor wie iedereen bang was. Op een zondagnacht zat de tovenaar samen met een man in het café. "Je hoeft niet bang te zijn", sprak de tovenaar tot de man en hij stuurde een hond met de man mee om hem naar zijn huis te begeleiden.
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (houtland)
523
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Bekegem   
Plaats van Handelen
Roksem   
