Hoofdtekst
Beschrijving
In een dreef bij de Walehoef in Engelbeek verscheen elke nacht tussen twaalf en één uur een koets met twee paarden. De koets verdween altijd langs een gat in de muur van de kelder. Op een nacht ging de knecht in een dreef achter een boom staan wachten tot de koets weer voorbijkwam. Achter op de koets zat iemand die de pet van de knecht oplichtte en de jongen in het gezicht keek. De knecht is gestorven van angst. Uiteindelijk heeft pastoor Jef V. het spook verbannen voor negenennegentig jaar.
Bron
M. Houtmeyers, Leuven, 1957
Commentaar
3.1 Duivels
brabants (diest en omstreken)
349
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Walehoef (Schaffen)   
Naam Locatie in Tekst
Schaffen   
Plaats van Handelen
Engelbeekstraat (Schaffen)   
