Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

LDHAE0230_0230_31582

Een sage (mondeling), 1975

Hoofdtekst

X: Weerwolven, wat waren dat?Van weerwolven heb ik ook nog gehoord. Dat waren deugnieten. Ze staken een laken over hun hoofd en liepen daarmee door het donker om de mensen schrik aan te jagen. Maar Fiel zei (dat is mijn kinderen hun grootnonkel): “Wacht als er mij ’s avonds een tegenkomt. ‘k Zal hem hebben.” En hij deed een klippel mee, en die weerwolven kwamen weer af en hij overging hen eens met die stok, en het was gedaan. De weerwolf heeft niet meer geweest, maar de mensen die schau waren liepen zich dood.

Beschrijving

Weerwolven waren grapjassen die met een laken over hun hoofd in het donker liepen om de mensen bang te maken. Een man ging op een avond een weerwolf te lijf met een stok. Daarna heeft men de weerwolf niet meer gezien.

Bron

L. D'haeze, Leuven, 1975

Commentaar

1.6 Weerwolven
oost-vlaams (zuiden)
104G
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Sint-Denijs-Boekel    Sint-Denijs-Boekel