Hoofdtekst
dô was zoe een wei mê nen drêpikkel om binne te gôn; en dô was ne weerwolf di dô vuir stond; en as ne mins duir moes, moes hem teige de wolf vechte; en as hem hem op zene rug kreig, dan viel da vel van zene ruggen af en dan mocht de mins duir.
Beschrijving
Bij een draaikruis in een weide stond een weerwolf die de mensen tegenhield. Wanneer men voorbij het draaikruis wilde geraken, moest men tegen de weerwolf vechten. Als het dier op zijn rug lag, viel het vel op de grond en kon men door.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (sint-truiden)
640
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Truiden   
