Hoofdtekst
X Hebt ge soms van de tienurenhond gehoord?26.R Nee, maar van het stallichtje wel. Ja. Stallichtje, dat kwam altijd daar, waar Frans Koekenbak woont. En dan was hire iemand van het Schotelven. Als die van Turnhout kwam, die had altijd een stallichtje gezien. En toen zei onze vader op een keer tegen hem: "ja, Jef, als ge erover wenkt, hé, als ge aan uw deur komt, dan moet ge rap maken, dat ge binnen zijt, want anders slaat het op uw deur, zalle." En op een keer, het was zo ver. Dat stallichtje was achter hem, en 's anderendaags stond er een zwarte ster op zijn deur.X Amai.26.R Ja, die had voortaan schrik van een stallichtje, zalle.X Dat denk ik.26.R Ik denk dat als hij er nog moest zijn, dat hij ze nog zag.
Beschrijving
Een man zag altijd een stallichtje wanneer hij terugkwam van Turnhout. Op een dag wenkte de man naar het stallichtje en haastte zich daarna snel naar binnen. De volgende dag zag de man de afdruk van een zwarte ster op zijn deur staan.
Bron
C. Verheyen, Leuven, 1982
Commentaar
antwerps (arendonk)
26R
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Arendonk   
Plaats van Handelen
Turnhout   
