Hoofdtekst
Seminaristen hebben ook tovermacht.De pastoors die kunnen ook van alles, maar die hebben daarvoor zo geen boeken, die leren dat. Nu leren ze dat eerst als ze al pastoor zijn, maar vroeger al van als ze gekleed waren. Zo waren er eens twee seminaristen, twee kameraden, maar den ene was al wedder (verder) dan den andere en kon al iets. Ze waren samen weggeweest en ze komen op den ene zijn kamer. Den ene klopt met zijn zakdoek op de muur en dat waren allemaal zwarte plekken. Den andere kreeg ze er niet af, hij haalde ne witter maar die kon er ook niets aan doen. Maar na 14 dagen was die even wijd geleerd en dan zei hij: 'Probeer nu nog eens, 'k heb nu gene witter meer nodig.'
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Twee seminaristen waren samen weggeweest. Bij hun terugkeer klopte de meest geleerde seminarist met zijn zakdoek op de muur. Daarna verschenen daar allemaal zwarte plekken, die niet meer verwijderd konden worden. Twee weken later was de andere seminarist echter ook al beter geleerd, waardoor hij de vlekken kon wegtoveren.
Bron
L. De Wit, Leuven, 1956
Commentaar
2.2 Tovenaars
antwerps (mechelen en omgeving)
242
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Katelijne-Waver   
